“Een goede jeugdopleiding is het fundament voor een gezonde club met sociale samenhang en sportieve ambities.”

Interview met Patrick Akerboom

Het regent pijpenstelen als ik het DONK-complex betreed voor een interview met de man die ondertussen anderhalf jaar als technisch coördinator werkzaam is, Patrick Akerboom. Op de velden wordt fanatiek getraind, maar wij verkiezen het comfort van de fraaie bestuurskamer. Onmiddellijk vallen de prachtige foto’s aan de muren op. In het oog springen clubicoon Jeroen de Jong, Feyenoord idool Ove Kindvall en natuurlijk de foto uit 2010 waarop de eerste promotie naar de tweede klasse werd vastgelegd. Van de spelers die daarop te bewonderen zijn maakt anno 2017 alleen Jeffrey Berlijn nog deel uit van de hoofdmacht.

Wat houdt je functie van technisch coördinator in?

Het is mijn primaire taak om alle hoofdtrainers – van de mini’s tot en met het vlaggenschip – van inhoudelijke begeleiding en feedback te voorzien. Zowel op theoretisch als op praktisch gebied. Dat laatste valt niet altijd mee; ik kan niet overal tegelijk aanwezig zijn en de rol betekent ook veelvuldig overleg voeren in plaats van op het veld staan. De feitelijke inhoud van een training is het werk van iedere hoofdtrainer, ik probeer richting en tips te geven aan de inhoud en de vorm.

Hoe gaat dat in zijn werk?

Belangrijk is dat er een bepaalde structuur is; dat er inhoudelijke lijnen zijn uitgezet waarlangs trainers hun trainingen, de begeleiding en wedstrijdcoaching kunnen invullen. En dat alle trainers dat op hoofdlijnen eenduidig doen. De basis wordt gevormd door het opleidingsplan dat ik al eerder, voordat ik in deze functie kwam, had gemaakt en later heb bijgesteld en verbeterd. We werken in de praktijk in blokken van zes weken. Er  is inmiddels sprake van een eenduidige herkenbare trainingsstijl.  Alle teams die als opleidingsteam zijn aangemerkt – en dat zijn alle teams vanaf de jeugd tot en met DONK 2- spelen in principe ook in dezelfde formatie 1-4-3-3 met de punt naar achteren. Niet omdat systemen belangrijk zijn maar om duidelijkheid te hebben met elkaar. De trainer van DONK 1 is de enige met een puur prestatieve doelstelling. Belangrijk is ook dat een van de uitgangspunten in het opleidingsplan is, dat er voor iedere speler recht heeft op speeltijd. Iemand die op de bank zit dient in principe dus altijd zijn minuten te krijgen, ook als dat bij een ander team is. Het is een belangrijke sociale component van het plan.

Na afloop van ieder blok van zes weken is er trainersoverleg tussen mij, TC-leden, trainers en leeftijdscoördinatoren. Daarin wordt de achterliggende periode op allerlei niveaus (prestatief, speltechnisch en –tactisch, sociaal en per speler) geëvalueerd en wordt het plan voor het komende blok van zes weken gemaakt. Wedstrijden zijn natuurlijk altijd belangrijke meetmomenten, maar het is van groot belang dat je vasthoudt aan je lijn en je niet steeds weer voor een andere route kiest omdat een enkele wedstrijd daartoe aanleiding zou geven.

Leeftijdscoördinatoren, hoor ik je zeggen. Welke rol hebben die?

Leeftijdscoördinatoren trekken samen met de hoofdtrainers de kar per leeftijdsgroep. Het zijn belangrijke functionarissen omdat zij de spin in het web zijn, contacten hebben met technische leiding en spelers/ouders/verzorgers en vaak ook een vertrouwenspersoon zijn. In alle leeftijdsgroepen is dat voor elkaar, voor DONK O17 hebben we helaas nog geen leeftijdscoördinator.

Dat klinkt allemaal heel mooi, maar nu nog de praktijk. Kunnen al die trainers van DONK dat allemaal wel waarmaken?

Dat is natuurlijk essentieel. We beschikken over een grote groep jonge  en enthousiaste trainers onder wie er heel veel in staat en bereid zijn om vervolgstappen te maken. Van groot belang vind ik  dat we ze daarin goed begeleiden. In dat kader volg ik op dit moment zelf bij de KNVB een pilot HJO-A (Hoofd jeugdopleiding A). Ik ben door de KNVB benaderd om in deze pilot opleiding mee te doen met 7 andere ervaren trainers/opleiders. Groot voordeel van deelnamen aan deze pilot is dat ik in de toekomst zelfstandig  gecertificeerde KNVB trainers mag opleiden. De interne opleiding  geef ik op dit moment aan 11 DONK-trainers, allemaal jonge jongens uit onze eigen stal. Zij volgen de opleiding met groot enthousiasme en ze ervaren het ook als een stimulans voor hun eigen voetbalcarrière. Aan het eind van de rit zijn ze gediplomeerd JVTC (jeugd voetbal trainer coach). Het doel is duidelijk: zoveel mogelijk gecertificeerde jeugdtrainers binnen de club te krijgen die door dezelfde bril naar voetbal kijken, een uniforme voetbaltaal spreken en training en wedstrijdbegeleiding in de kern eenduidig aanbieden. Ik heb de indruk dat de KNVB van mening is dat de pilot een succes is en dat ermee zal worden doorgegaan. Een goede jeugdopleiding is het fundament voor een gezonde club met sportieve ambities en goede sociale samenhang. Het is mooi dat we daar nu ook zelf gecertificeerde jeugdtrainers in kunnen opleiden.

Klinkt hier een tevreden technisch coördinator?

Er zijn zeker flinke stappen gemaakt. De structuur, de rode draad, ligt er en het niveau van de trainer-coaches vertoont een stijgende lijn. Dat gaat alleen maar beter worden als onze gecertificeerde jeugdopleiders straks aan de slag kunnen. Maar we staan nog steeds aan de basis. We komen nog steeds kwaliteit  maar vooral kwantiteit tekort om onze sportieve ambities volledig te kunnen waarmaken. Onze huidige positie in de Oostpolder heeft de achterliggende jaren voor een wat lager ledenaantal gezorgd. Westergouwe zal ons de nieuwe aanwas gaan brengen die we nodig hebben om door te groeien. Daarnaast zijn we uiteraard een amateurclub en is inhoudelijk opleiden en structuur bieden belangrijk, maar dat is het bewaken van de eigen identiteit evenzo. Ambitie is goed, inhoudelijk ontwikkelen ook maar alles gaat wel op een manier die de DONK-omgeving kan en wil dragen.

Wat zijn die sportieve ambities dan? Hoe hoog ligt de lat?

De visie van DONK is dat DONK 1 een stabiele tweedeklasser moet zijn met minimaal 80% eigen jongens in de A-selectie en dat DONK 2 tenminste reserve tweede klasse moet spelen. Daarnaast willen we inhoudelijk een goede opleiding hebben. Een wat breder jeugdledenaantal zou daarvoor zeer welkom zijn.

Gelet op de huidige competitiestanden ligt er dus nog een grote uitdaging. Waarin schieten we tekort?

Als ik kijk naar DONK 1 zijn er diverse oorzaken voor de slechte eerste seizoenshelft. Natuurlijk missen we, door het afscheid van dragende spelers als Jeroen de Jong en Wouter Steenbergen, veel kwaliteit en routine. Onze ploeg is nu piepjong en heeft nog moeite met de overgang van de top van het recreatieve amateurvoetbal, de derde klasse, naar het meer prestatieve amateurvoetbal. Dat begint in mijn ogen bij de tweede klasse. Daar worden andere eisen gesteld op het gebied van focus, fitheid, ervaring, kwaliteit en beleving. Daaronder kom je nog wel eens weg op zondag met een mindere wedstrijdvoorbereiding. In de tweede klas wordt je dan afgestraft. Het is me in de achterliggende wedstrijden opgevallen dat wij, in tegenstelling tot veel van onze tegenstanders, nog niet in staat zijn om 90 minuten lang in een bepaalde structuur en formatie te blijven spelen. Daarin ligt het grootste verschil; dat heb je niet zomaar overbrugd.  Qua potentie is het verschil veel minder groot . Als je kijkt hoeveel punten we in de eerste seizoenshelft onnodig hebben laten liggen dan kan het muntje straks zo maar de goede kant op vallen. Ik zie dat de jongens er hard voor werken. Daarnaast moeten we het ook opnemen tegen tegenstanders die hun spelersgroep deels samenstellen via actieve externe scouting en daar ook in betalen. Dat is een route die we bij DONK echter nooit zullen bewandelen. Ook niet als we daarmee een stapje terug zouden moeten doen in onze ambitie. Ik ben er echter van overtuigd dat wij met de huidige spelersgroep en onze aankomende JO19 en JO17 groepen onze ambitie over langere termijn kunnen waarborgen.

Die uitdaging ga je dan wel aan met Edwin Erwich, de trainer die DONK aan het eind van het seizoen gaat verlaten.

Ik sta 100% in voor de betrokkenheid van Edwin, ook nu hij te kennen heeft gegeven naar iets anders op zoek te zijn. DONK mag blij zijn met een trainer die zijn trainingen zo gedegen voorbereidt en die over een uitstekende oefenstof beschikt. Dat blijft hij doen, daar twijfel ik geen seconde aan. Hij heeft met zijn (begeleidings)team vorig jaar een huzarenstukje uitgehaald door vanuit een vrijwel hopeloze positie alsnog te promoveren en er zal hem er alles aan gelegen zijn om DONK te behouden voor de tweede klasse.

Om dit karwei te kunnen klaren zal ook een goede teamgeest nodig zijn. Het valt me op dat er nog teveel jongens direct na de donderdagse training of na een wedstrijd vertrekken.

Dat klopt, dat moet anders. Daarvan is de spelersgroep zich ondertussen ook bewust. Hier ligt een belangrijke taak voor de technische staf, maar ook voor de club zelf. De condities moeten geschapen worden om presteren en arbeid leveren te combineren met het zo gezellig mogelijk maken. Het is overigens niet zo, dat de jongens die vaak als eerste weg zijn geen hart voor de vereniging hebben. Ook die fluiten bijvoorbeeld op een vroege zaterdagmorgen pupillenwedstrijdjes. Het is echter wel belangrijk dat spelers, kaderleden en supporters zich blijven realiseren dat we samen de club maken.

Is er een verklaring voor de vrije val van DONK 2?

Zeker! De resultaten blijven achter en dat komt mede door de golf van blessures in de eerste seizoenshelft. De spoeling is nu wel heel erg dun geworden, mede doordat de blessuregolf bij DONK 1 steeds weer moest worden opgevangen. In een eerder stadium waren er ook al meer spelers naar het recreatievoetbal op zaterdag uitgeweken. Trainer Wim van den Velde zag er helaas geen heil meer in en is onlangs opgestapt. Frank van Loon trekt nu de kar. We gaan er als TC alles aan doen om ook met DONK2 een goede 2e seizoenshelft te spelen.

Dat is toch wel een somber beeld.

Op dit moment wel, maar de oorzaken zijn bekend en er gloort hoop aan de horizon. We verwachten volgend jaar vanuit de jeugd een instroom van ca.  10 A-selectiespelers en het jaar daarop klopt er nog eens zo’n aantal aan de deur. Dat hebben we door gericht begeleiden, af en toe met de selectie meetrainen en spelen en dankzij onze onder de 17 en onder de 21 competities al aardig op niveau en in het vizier kunnen krijgen.

Wat zijn dat voor competities?

We organiseren als TC deze competities op doordeweekse avonden met Olympia O17 en O21, Groeneweg O17 en O21 en Oudewater O17 en O21. De finales worden straks in mei weer op het DONK-complex gespeeld. De spelers ervaren deze competitie als een stimulans en leren er veel van. Ook de andere clubs zijn heel enthousiast over de extra ontwikkelmogelijkheid.

Even terug naar DONK 1. Is er al zicht op de opvolging van Edwin Erwich?

Dat loopt voorspoedig. We hadden maar liefst 28 kandidaten. Ik was aangenaam verrast door het niveau. Maar liefst 11 trainers beschikten over het diploma UEFA A/TC 1. Na overleg met een flink deel van de spelersgroep en met de begeleiding zijn er vijf personen voor een vervolggesprek uitgenodigd. Binnenkort hakken we de knoop door en kunnen we de nieuwe hoofdtrainer presenteren. Zeer belangrijk is natuurlijk het oordeel van de spelers. Wat houdt volgens hen selectievoetbal in en welke selectietrainer past daarbij? Daarbij gaven de spelers te kennen dat ze graag zien dat de nieuwe trainer qua inhoud voortborduurt op de trainingsmethode van Edwin Erwich. Een compliment voor Edwin uiteraard.

Er komt heel wat op je af. Heb je voldoende ondersteuning van de Technische Commissie?

Op dit moment zijn we nog met te weinig mensen voor dit veelomvattende takenpakket, maar ik heb goede hoop dat er volgend jaar uitbreiding van de TC komt. In mijn ogen zou een Technisch Coördinator met vier TC-leden ideaal zijn. De gesprekken lopen. Het zou mooi zijn als dat lukt. Daarnaast kunnen we in de Senioren Selectie- en Juniorencommissie ondersteuning gebruiken .

Heb je, tot slot, nog iets dat je van het hart moet?

DONK is een geweldige club, een brede vereniging waarin iedereen zich thuis voelt gecombineerd met prestatiegericht voetbal. Dat kun je alleen maar handhaven en verbeteren als zoveel mogelijk leden zich als vrijwilliger willen inzetten op allerlei terreinen. Laten we allemaal de handschoen oppakken en positief stappen zetten. Participeren dus!